Home
           
 
Januari 2010 Overzicht ervaringen Januari 2010 Overzicht ervaringen Februari 2010 Februari 2010 Juni 2010 Juni 2010 Maart 2010 Maart 2010 April 2010 April 2010 Mei 2010 Mei 2010 Juli 2010 Juli 2010 Augustus 2010 September 2010 Augustus 2010 September 2010 Oktober 2010 Oktober 2010 November 2010 November 2010 December 2010 December 2010

Dinsdag, 28 september 2010

Woensdag, 29 september 2010

Donderdag, 30 september 2010

 

Vrijdag, 24 september 2010

    Inmiddels liggen de bomaanslagen al enkele maanden achter ons. Normaal gesproken bedaren de gemoederen na verloop van tijd, tot niemand er meer over spreekt en de spontane veiligheidsmaatregelen al snel vervagen. Maar niet in Oeganda... De verdachten die naar aanleiding van de aanslagen opgepakt zijn, worden dagelijks uitgebreid besproken in de kranten. Er is nog veel politie op straat en de enigszins twijfelachtige security controles vinden onverminderd plaats bij winkelcentra en hotels. Zij het met de dag inconsequenter en het feit dat de auto's uitsluitend op de meest voordehand liggende plekken nagekeken worden. Maar nu is hier een nieuwe maatregel bijgekomen.

    Vanaf deze week dient men voor álle bijeenkomsten van meer dan 5 personen eerst een officiële verklaring aan te vragen bij de Inspector General of Police. Dit geldt niet alleen voor concerten en conferenties maar ook voor feestjes, begrafenissen en andere privé-aangelegenheden. Ga je binnenkort trouwen? Meld dit maar eerst bij de IGP. Je zoontje naar zijn wekelijkse voetbalwedstrijd brengen? Toch maar een omweg langs het politiebureau maken voor het noodzakelijke papiertje. Je ouders, schoonouders én zus tegelijk op visite? Ook hiervoor moet eerst toestemming gevraagd worden!

    Typisch dat in een land waar men zo flexibel met regels en wetten omgaat, juist dit soort maatregelen bedacht worden. Gelukkig ziet de Oegandese bevolking zelf ook in dat deze actie niet erg realistisch is, laat staan het geruststellende effect heeft dat terroristen nu echt geen schijn van kans meer hebben.

    Het is maar goed dat we dit jaar Namibië als vakantiebestemming gekozen hebben. Want nu we met vrienden gaan, hadden we in eigen land toch bijna ook daarvóór toestemming moeten vragen...

 

Maandag, 27 september 2010

    Voor vele reizigers is Oeganda een land van verrassingen: zó tropisch groen, zó divers, zó authentiek. Maar een Afrikaans land waar dat dit ook dubbel en dwars voor geldt is Namibië...

    Na een prima vlucht met South African Airways landen we zondagmiddag op Hosea Kutako Airport waar we netjes opgehaald worden. Reisroute door NamibieZodra we het vliegveld verlaten strekt er zich een weids gebied voor ons uit. Een strakke asfaltweg loopt er midden doorheen met aan weerszijde aaneengesloten hekwerken. Het is een droog, heuvelachtig landschap met hier en daar wat struikjes en lang gelig gras. De enkele rivieren die in de streek gemarkeerd staan, zijn niet meer dan droge rivierbeddingen. En er is niemand op de weg... Zelfs Windhoek lijkt uitgestorven!

    Na een eerste overnachting in Klein Windhoek Guesthouse, arriveren maandag onze vrienden Frank en Monique met wie we de rest van Namibië (en Zuid-Afrika) zullen verkennen. Te beginnen bij de hoofdstad.
    Windhoek City is verrassend schoon en lijkt weinig weg te hebben van een Afrikaanse stad. We lunchen in Café Zoo in het Zoo Park, dat behalve het wild op ons bord (kudu) niets gemeen schijnt te hebben met een dierentuin. De stad vertoont wel duidelijk Duitse invloeden: de stijl van de gebouwen, de straatnamen eindigend op "Strasse" en overal wordt Duits of Afrikaans gesproken.
    Via Independence Avenue en enkele toeristische pleintjes, langs moderne winkels, kantorencomplexen en diverse shopping malls slenteren we terug richting ons guesthouse. Toeristen zijn er niet veel en bovendien niet eenvoudig herkenbaar. Maar liefst 4% van de twee miljoen inwoners van Namibië is Europeaan (waarvan 40% Duitser).

    In de avond bestellen we een taxi om ons naar Joe's Beerhouse te brengen; een razend populaire plek onder de toeristen. Niet zozeer vanwege het bier dat er geschonken wordt als wel de gerechten die op het menu staan. De entourage is sfeervol, met opgezette dierenkoppen en verschillende plekken waar je kunt zitten. Om maar alvast in de stemming te komen, bestellen we het meest toepasselijke van de kaart: mixed grill van struisvogel, krokodil, zebra, kudu (en kip).

Naar boven

Dinsdag, 28 september 2010

    Tijd om de rest van Namibië te ontdekken! Om 07.00 uur zitten we al aan het ontbijt en een uurtje later staan we klaar in het kantoor van het verhuurbedrijf, waar een Duits meisje ons de benodigde informatie geeft. Hoewel de Toyota Hilux een ruime auto is, nemen de tenten, slaapzakken, matrassen, stoelen, gasbrander, twee boxen en een koelkast vrijwel alle ruimte achterin in beslag. Aangezien het er niet naar uit ziet dat daar nog onze eigen bagage (én toekomstige boodschappen) bijpassen, besluiten we ter plaatse maar om een roofrack te huren. Maar met het rek op het dak hebben we nog geen strips om onze bagage erop te binden - welk bedrijf verhuurt nou roofracks zónder strips?? - dus moeten we eerst op zoek naar een winkel om deze in te slaan.
(Dat de strips eigenlijk overbodige luxe zijn, en het gehele roofrack eigenlijk ook, komen we later pas achter, want met uitzondering van de eerste dag hebben we keurig al onze bagage in de achterbak weten te krijgen. Oefening baart kunst!)

    Met een viertal stoelen en twee kleine pakketjes tenten op het dak verlaten we tegen 10.00 uur de hoofdstad en nemen de B1 richting Okahandja. Het is een rechte asfaltweg door een kaal, droog en heuvelachtig gebied met weinig teken van leven. Anders dan in Oeganda bevinden zich hier geen kleine dorpjes tussen de grote steden en lopen er nauwelijks mensen langs de weg. Niet alleen zijn de Namibische snelwegen comfortabel om op te rijden, met erg weinig verkeer, maar tevens zijn ze voorzien van picknickplaatsen. Een prima plek voor een lunchstop na de eerste boodschappen in Otjiwarongo te hebben gedaan.
    Na Otavi en Tsumeb gepasseerd te zijn, leggen we de laatste 100 km naar Namutoni af. Tegen onze verwachting in stopt de verharde weg niet bij de gate, maar loopt door naar de accommodatie en zelfs tot het grasveldje voor onze tenten.
    Namutoni Camp wordt beheerd door Namibia Wildlife Resorts en ziet er netjes uit, met ruime kampeerplekken en moderne faciliteiten. Een houten walkway leidt naar het befaamde Namutoni Fort: een wit, van kantelen voorziene vestingwal met palmen ervoor, dat eerder in de middeleeuwen thuis hoort dan in te midden van een nationaal park in zuidelijk Afrika. Op de binnenplaats bevinden zich kleine restaurantjes en winkeltjes en al met al doet het geheel sfeervol aan. Nabij ligt de verlichte King Nehale waterhole waar we na het eten nog even een kijkje nemen. Maar ondanks dat we een lange tijd doodstil op een bankje zitten, wordt het uitzicht niet spannender dan een paar wandelende eendjes langs het water.

 

Woensdag, 29 september 2010

    Na nog enigszins stuntelig voor het eerst koffie op onze gasbrander te hebben gemaakt, rijden we om 07.00 uur de gate van Namutoni uit. We volgen een brede gravelweg naar het noorden maar gedurende het eerste stuk valt er nog weinig te zien. Overigens blijken alle tracks in Etosha uit dit soort wegen te bestaan; er is geen enkel smal pad zoals in de parken in Oeganda, waardoor je je voor je gevoel toch minder ín de wildernis bevindt...
    Bij onze eerste echte waterpoel is het meteen raak: een leeuwin die aan de rand van het water ligt. Helaas vertoont ze weinig actie dus rijden we al snel door, het rondje afmakend langs de rand de Fisher's Pan. Het omringende landschap is echter fenomenaal: droog, kaal en wit. Het enige water voor de dieren is in de verschillende, deels kunstmatige, waterholes te vinden. Die dan ook druk bezocht worden, zo blijkt na niet al te lange tijd.
    Bij de poel Tsumcor staan twee olifanten bij het water te drinken. Ondanks hun omvang dulden ze niemand anders bij de waterplas; een giraf blijft op een veilige afstand toekijken en zelfs de kleine wrattenzwijnen worden resoluut verjaagd. De poel een kleine uur later levert een heel ander plaatje op. Wederom staan er twee olifanten bij het water, maar ditmaal omgeven door zebra's, oryxen, kudu's, giraffen en zelfs een kudde elanden. Pas wanneer beide olifanten weg lopen, durven de andere dieren te drinken. De één iets eerder als de ander, en als laatste de giraf. Na heel lang aarzelen neemt hij toch maar de ongemakkelijke pose aan en zet zijn voorpoten wijd uit elkaar om met zijn kop bij het water te kunnen. Heb je zo'n lange nek, kun je er nog nauwelijks bij!
    Klein Okavi is een poel waar zebra's en kudu's vreedzaam hun dorst komen lessen, terwijl de nabije Groot Okavi the place to be is voor olifanten. De ene familie heeft nauwelijks aanstalte gemaakt om te vertrekken of de andere familie verschijnt al. Het is een bijzonder mooi tafereel, zeker wanneer ze rakelings langs de auto opgelopen komen.

    We keren terug naar het kamp voor een brunch en vervolgen onze game drive in de namiddag. Deze keer rijden we richting het westen. Ook nu passeren we verschillende waterpoelen met olifanten, impala's en zebra's. De poel Kalkheuvel is echter verrassend stil, op een grote bateleur na. We rijden het lange stuk weer terug en sluiten af bij Koinachas: een kleine waterhole maar prachtig om te zien met aan de waterkant een drinkende olifant en op de achtergrond de ondergaande zon...
    's Avonds gaan we weer in het Duitse fort eten en wagen we nog een poging bij de verlichte poel. Nu hebben we meer geluk: een enorme bull staat met zijn achterwerk naar de tribune kant, omringd door twee andere olifanten in het riet. Een ideale afsluiting van de avond!

 

Donderdag, 30 september 2010

    Terwijl de zon langzaam aan de horizon verschijnt breken we onze tenten op en rijden al game drivend richting Okaukuejo. Via Koinachas en Chudop leggen we weer het lange stuk naar Kalkheuvel af. Ditmaal is de waterhole wel druk bezocht, zowel door auto's en toeristen als dieren. Een familie leeuwen ligt verspreid bij het water en in de struiken, terwijl een groepje impala's zenuwachtig van een afstandje toekijkt. Van de andere kant komen olifanten aanlopen om te drinken, maar verdwijnen direct weer, wellicht door de aanwezigheid van de leeuwen.
    Na een tijdje hier toegekeken te hebben, rijden we naar Ngobib, een poel bestaande uit twee 'etages' en in beslag genomen door een groep olifanten. We volgen de weg verder richting Okerfontein en spotten onderweg vele springbokjes, gnoes, hartebeesten en een eenzame mannetjesleeuw. Goas blijkt een een bijzonder mooie en grote poel te zijn, vol dierenleven. Ontelbaar veel olifanten, van groot tot klein, staan te drinken of nemen een bad, enkel met hun slurf nog boven water komend. Giraffen staan op een afstand wantrouwend toe te kijken, er lopen zebra's rond en hartebeesten zoeken de schaduw van wat kleine boompjes op. Op korte afstand van het water liggen twee leeuwen die echter nauwlettend in de gaten worden gehouden door één van de olifanten en af en toe dapper een poging doet om hen weg te jagen.

    Inmiddels zijn we niet ver meer verwijderd van Halali Camp, dat halverwege Namutoni en Okaukeujo ligt. Alleen een stop bij Noniams, waar zebra's, kudu's en impala's vreedzaam de waterhole delen, en Helio met een solitaire olifant scheidt ons nog van een welverdiende lunch. In tegenstelling tot Namutoni lijkt Halali een grootschalig resort, inclusief groot zwembad en restaurant waar tegelijk met ons verschillende busladingen Duitsters neerstrijken.

    Bij de waterholes ten westen van Halali is weinig te zien dus rijden we in een vlot tempo richting Okaukeujo. Op twee olifanten na die op weg zijn naar een poel, blijkt de olifantenpopulatie aan deze kant van het park aanmerkelijk afgenomen te zijn. Het gebied rond Homob heeft weg van een maanlandschap, met enkel wat giraffen en springbokjes. Hierop volgt een grote lege vlakte dat de naam Etosha ("Grote witte vlakte van droog water") meer dan eer aan doet. De poelen die we passeren zijn opgedroogd en veel wild is er niet meer te ontdekken. Vanaf Nebrownnii brengen we nog een bezoek aan het nabije viewpoint met een weids uitzicht over de zoutvlakte. De omgeving zó droog, kaal en wit dat het bijna surrealistisch is! Game drive Etosha National Park

    Aan het eind van de middag arriveren we bij de gate van Okaukuejo Camp. Geen historisch fort hier maar wel een uitkijktoren. De campsite is wat minder, met een stenige, stoffige ondergrond en weinig schaduw. De waterhole van Okaukuejo is echter spectaculair. In het zachte schijnsel staat een imposante olifant te drinken. Zwarte neushoorns staan aan de kant waarvan twee rustig de tijd nemen om uit te maken wie de baas is (al is het verschil tussen een gevecht en een soort paringsdans niet echt duidelijk). Zo donker als de omgeving is, zo helder is de spiegeling van deze dieren in het stille water...

Foto's van Etosha National Park...

Naar boven

 

Overzicht Onze Ervaringen